Mijn leven als hartpatiënt, deel 1

Zo. De kop is eraf, hierbij verklaar ik het dagboek “Mijn leven als hartpatiënt” voor geopend. Zware titel misschien? Ik denk het wel, maar volgens de cardioloog moet ik “er mee leren leven dat ik een ernstige ziekte onder de leden heb”. Vanaf heden wil ik dus te boek staan als hartpatiënt. Met alle leuke extraatjes die erbij horen. Invalidenparkeerplaats? Opgerot. MIJN plekje. Collecteren voor jonge hartpatiëntjes? That’s me, man. In hart en nieren.

Waarom dit dagboek? Meerdere redenen. Eén: schrijven is leuk (vind ik). Twee: schrijven lucht op. Nu ik hier met half verkrampte vingers en samengeperste tanden het toetsenbord gesel voel ik gewoon hoe een deel van de frustratie eruit stroomt. Dat lucht effe op. De derde reden, en misschien wel de meest ingrijpende, is dat het mij en anderen een inkijkje biedt in het leven hoe het er op dit moment voorstaat. Zodat ik er zelf later weer met een glimlach op terug kan blikken als het allemaal weer een stuk beter gaat.

Goed, in dit dagboek dus een kijkje achter de schermen van hoe mijn leven er nou écht uitziet. Ter illustratie geef ik even een voorbeeld van hoe een gesprek op straat tussen mij en een voorbijganger eigenlijk zou moeten gaan:
“Hey Niels, hoe gaat het nou met jou?”
“Nou, om eerlijk te zijn, eigenlijk gewoon ontzettend kut. Kaa Uu Tee. Kijk me nou: een jonge, 28-jarige adonis, jong en sterk van geest, gezegend met de levenslust van een tiener en het gestel van een hoogbejaarde. Tot vijf maanden geleden ging alles goed: blakende gezondheid, nooit een centje pijn – het ergste wat me overkwam waren wat verkoudheidjes in de winter en af en toe wat jeuk aan de achterdeur (jaja, het zou een openhartig verhaal worden). Dan ga je een dagje fietsen, een avondje zuipen, je kruipt lekker je bed in en drie dagen later word je wakker in het ziekenhuis met meer tentakels aan je lijf dan een Portugees Oorlogsschip. Je ligt er tien dagen, ze stoppen een tijdbom in je lijf, en je wordt weer naar huis gestuurd met de boodschap: REVALIDEREN. Dan sleep je je vervolgens wekenlang door weer en wind naar een gymzaaltje in Breda waar je tussen mekkerende 60-plussers mag gaan hardlopen waarbij je nog op moet passen dat je je nek niet breekt over de rollators en krukken. Ondertussen zit je thuis, want je mag niet autorijden. Als dat vervolgens allemaal achter de rug is en je vervolgens eindelijk weer een beetje mag gaan denken aan het oppakken van je oude leventje, begint de ellende: hartritmestoornissen. Gevolg: een hoop stress, onzekerheid over wat de toekomst gaat brengen en een karrevracht aan medicijnen. Ondertussen heb je ook nog een onbekend apparaat in je lijf dat een constante dreiging vormt wanneer je jezelf te druk dreigt te maken. Kortom: mwa, kan beter.”

Natuurlijk zeg je zoiets niet tegen willekeurige voorbijgangers op straat. Nee, in een dorp krijg je daar toch alleen maar roddels van, en bovendien willen mensen het eigenlijk helemaal niet horen als het slecht met je gaat. Dus lepel je een opgenomen bandje af dat een beetje gaat als: “Ja, het gaat wel goed hoor! Af en toe wel wat ups en downs maar ik merk wel dat er weer een stijgende lijn in zit.”
“Oh goed om te horen. En ben je alweer aan het werk?”
Blijkbaar is het belangrijk om te vragen of mensen weer kunnen werken. Immers, de eeuwig draaiende motor van de economie moet natuurlijk van vers vlees voorzien blijven worden. Ja, ik werk weer. Volledig? Nee, dat niet. 7 uur per dag. Oh, maar da’s toch al weer bijna een volle week? Ja, dat klopt. 5 keer 7 maakt 35. Da’s bijna 40, dank u.
Na zo’n vraag loop ik meestal maar weer verder in de hoop dat ze me met rust laten. Toch moet ik eerlijk toegeven, het is al met al fijn dat mensen met je meeleven. Ze mogen alleen af en toe wel eens een andere vraag stellen, maar hypocriet als ik ben zou ik waarschijnlijk precies hetzelfde vragenbandje afdraaien. Zodat er iemand anders ook weer zijn of haar antwoordenbandje kan afdraaien.

De kop is eraf, op deze eerste dag. Ik heb al even een korte terugblik gegeven op wat er nou allemaal gebeurd is, maar ik beloof dat ik het allemaal nog in veel meer detail op papier ga zetten. Maar dat, lieve lezertjes, lezen jullie de volgende keer.

Mijn leven als hartpatiënt, deel 1

Een gedachte over “Mijn leven als hartpatiënt, deel 1

  1. Corine schreef:

    O Niels
    Ooooooo Niels
    Wat heb je het treffend weten neer te zetten.
    Wat een afschuwelijke mangel waarin je zit.
    Diep respect!
    (En nee, van mij hoeft deze reactie niet op je site terecht te komen, danwel mag de reactie onmiddelijk weer verwijderd worden, maar het moest er even uit.)
    Ik ga nu dag 2 lezen.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *