Referendum om niks

Ik ben er helemaal klaar voor.
Pootjes op de bank, zak chips in de ene hand en de afstandsbediening in de andere, lekker een avondje onderuitgezakt toekijken hoe onder begeleiding van de zalvende woorden van Ferry Mingelen (oh wacht, die is er niet meer bij) een kaart van Nederland langzaam wordt ingekleurd met rode of groene vlakjes. Waar ik het over heb? De belangrijkste politieke gebeurtenis in een jaar waarin de VVD en PvdA wéér niet met ruzie uit elkaar zullen gaan: het Raadgevend Referendum over het Associatieverdrag met Oekraïne. Jawel, we mogen weer naar de stembus. En dit keer gaat het over iets superbelangrijks. Veranderingen in de zorg? Het afschaffen van de studiefinanciering? Nee, we mogen met z’n allen gezellig gaan stemmen of er wel of niet een handelsverdrag wordt opgezet met een land waarvan de economie net zo groot is als die van Gelderland. Niet meer dan redelijk dat we daar als burger een stem in mogen hebben. Daar blijft het ook bij, want het is slechts een “raadgevend” referendum, wat inhoudt dat de regering er wel naar moet luisteren, maar er in principe niks mee hoeft te doen. Logisch, als het om zoiets belangrijks gaat.

Ik zal het maar meteen zeggen: ik heb het niet zo op democratie. Altijd als ik dat in het openbaar zeg beginnen mensen om me heen meteen te schuimbekken: ‘oh, dus je hebt liever een dictatuur?’ Nee meneer of mevrouw, als ik zeg dat ik zwarte auto’s niet zo mooi vind, dan betekent dat niet automatisch dat ik een liefhebber ben van witte. In theorie is democratie iets prachtigs: iedereen heeft een stem en “de meeste stemmen gelden”. Een principe dat in de praktijk helaas totaal niet werkt. Democratie in Nederland betekent: “wie het hardst schreeuwt, zal wel gelijk hebben.” Hoe anders kan het dat iemand als Wilders het al meer dan tien jaar in de politieke arena uithoudt zonder ook maar één keer met een serieuze oplossing voor een probleem te zijn gekomen? Hij schreeuwt elke keer nét even iets harder dan de vorige keer, en op die manier weet hij net genoeg controverse te genereren waardoor er toch weer een aantal mensen zijn die hem een stem gunnen. Het ergste is nog wel dat de andere politici dit gedrag overnemen. In mijn middelbare schooltijd had ik nog wel een beetje vertrouwen in de landelijke politiek, maar de laatste tien jaar is dat stukje bij beetje helemaal verdwenen. Het democratisch systeem in Nederland leidt alleen maar tot plannen met een horizon die niet breder is dan 1 of 2 jaar, want daarna begint de strijd om de gunst van de kiezer voor de volgende termijn alweer. Vervolgens komt er een andere partij aan de macht die alles van het vorige kabinet weer terugdraait, enzovoort.

Wat is dan wél het beste? Ik ben geen deskundige, maar het lijkt mij voor iedereen beter als beslissingen op dit niveau genomen worden door een groep experts die er verstand van heeft. Die kunnen dan op basis van inhoudelijke argumenten met elkaar besluiten hoe een bepaald probleem aangepakt moet worden, zonder de burger er onnodig bij te betrekken. Neem nou dit hele referendum. Vanaf het moment dat bekend werd dat dit georganiseerd zou gaan worden stonden er al twee dingen vast: de uitslag (tegen), en dat er niks mee gedaan zou gaan worden. Want ongedacht wat we vanavond met z’n allen ook zullen beslissen, het verdrag is al in werking getreden – allemaal mosterd na de maaltijd dus. En ja, als de burger betrokken wordt bij een referendum waar de keuze ligt tussen voor en tegen, dan winnen de tegenstemmers vrijwel altijd. Da’s puur menselijk gedrag, omdat de voorstanders iets onduidelijks moeten verdedigen terwijl de tegenstanders alleen maar hoeven te schieten. En laat dat nou net iets zijn waar een bloedhond als Wilders goed in is.

Goed, dit hele referendum is dus één grote farce. Waarom organiseren we het dan? Omdat een actiecomité genaamd GeenPeil genoeg handtekeningen heeft opgehaald om dit initiatief in gang te zetten. Achter GeenPeil zitten dezelfde mensen als achter GeenStijl, het rechtsgetinte shock-weblog dat in het verleden al diverse malen in het nieuws is geweest vanwege sympathieke acties die ze hebben uitgehaald. Bovendien zitten ze ook achter de publieke omroep Powned, bekend van PowNews. U weet wel, dat tv-programma dat mensen interviewt, de intelligente antwoorden weglaat en alleen de lompe/niet-serieuze stukjes laat zien. Allemaal goed en wel, maar ze hebben blijkbaar meer dan vierhonderdduizend stemmen opgehaald. Hoe dan? Via een online tool die ze nota bene zelf hebben ontwikkeld (huh?!). Waarschijnlijk rolden ze onder de tafel van het lachen toen de kiesraad het initiatief goedkeurde, en wij daarom nu allemaal naar de stembus mogen. Totale kostenplaatje voor de belastingbetaler: 30 miljoen euro (geschat, waarschijnlijk nog veel meer). 30 miljoen voor een poppenkastvoorstelling! Kun je nagaan hoeveel mooie dingen wat we met dat geld hadden kunnen doen. Investeren in onderwijs, investeren in zorg, of desnoods besteden aan de opvang van asielzoekers. Maar nee, wij spenderen het liever aan een referendum om niks.

Mijn stemadvies? Als ik zou moeten stemmen zou ik het eerlijk gezegd niet weten. Zowel voor- als tegenstanders hebben een goed punt: het handelsverdrag stimuleert de economie van Oekraïne en kan beide landen veel geld opleveren, maar daarmee steunen we wel een land dat intern ontzettend verdeeld is, en waar mensenrechten met handen en voeten wordt getreden en waar democratie nauwelijks bestaat. Maar goed, dan hoeven ze ook geen 30 miljoen te besteden aan een onzinnig referendum.

Ik blijf in ieder geval thuis vandaag. Laat er maar mensen over beslissen die er wél verstand van hebben.

loesje referendum

Referendum om niks

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *